Een handelingsprotocol bestaat typisch uit 5 fasen:

Op Grenswijs kun je via de persoonlijke inlogzone een handelingsprotocol maken op maat van jouw organisatie. 

Fase 1: in kaart brengen van de situatie

Deze eerste fase heeft tot doel ondersteuning te geven aan een eventueel slachtoffer, vermoedelijke pleger of een onthuller. In deze fase wordt informatie verzameld in het belang van het welzijn van alle betrokkenen.  

Deelstappen zijn: 

  • In kaart brengen van wat men weet en nog niet weet 
  • Inschatten of er een acuut gevaar is of niet 
  • In kaart brengen van de betrokkenen 
  • In gesprek gaan met betrokkenen 
  • Iemand aanduiden om het incident verder op te volgen 

Fase 2: inschatten van de ernst en advies

Afhankelijk van de ernst en het acuut karakter van de situatie, zijn verschillende stappen mogelijk. Daarom is het nodig de ernst zo snel mogelijk in te schatten.

De zes criteria van het Vlaggensysteem of het Grenswijs systeem kunnen helpen om in kaart te brengen of gedrag al dan niet grensoverschrijdend is. Je kan daarbij advies inwinnen, zowel intern als bij externe diensten.  

Deze fase heeft tot doel om in overleg met verantwoordelijken en experten (zowel binnen als buiten jouw organisatie) te komen tot een aantal maatregelen om de situatie goed te beheren op korte termijn. 

Deelstappen zijn: 

  • Analyseer wat er gebeurd is 
  • Oordelen over de ernst van de feiten (welke vlag) 
  • Beslissen of intern of extern advies wordt ingewonnen, en bij wie 
  • Beslissen wie moet worden geïnformeerd, en wat kan worden gecommuniceerd 
  • Bekijken of er onmiddellijke beschermende of andere maatregelen nodig zijn 

Fase 3: intern opvolgen

De ernst van een situatie bepaalt of een (vermoedelijk) incident louter intern wordt afgehandeld, of dat opvolging nodig is door politie of justitie.

Meld bij de leidinggevende en registreer intern daarbij zeker ernstig tot zeer ernstig grensoverschrijdend gedrag. Soms kan tucht of extra toezicht nodig zijn.   

Deelstappen zijn: 

  • Een gepaste (ped)agogische reactie geven aan rechtstreeks betrokkenen 
  • Communicatie met andere betrokkenen regelen 
  • Communicatie over het incident intern en extern regelen 
  • Intern registreren of melden bij de leidinggevende van ernstig tot zeer ernstige incidenten 
  • Eventueel ouders betrekken in geval van minderjarigen 

Soms kan het nodig zijn extern te melden, bijvoorbeeld bij politie. Duid dan een aanspreekpersoon aan en help de betrokkene bij aangifte. 

Fase 4: zorg en herstel

Eerste opvang voor slachtoffer en pleger

Hoe kan je ondersteunen bij de opvang binnen 48 uur na een incident? Herstel eerst de veiligheid en ga uit van de behoeften van de getroffene.  

Deelstappen zijn: 

  • Geef praktische hulp  
  • Geef advies en informatie   
  • Geef emotionele ondersteuning

Intern en extern nazorg

De nasleep van een incident kan enkele weken tot maanden duren. Het is belangrijk om in die periode de getroffene te ondersteunen, zo verminder je de kans op een moeilijke verwerking.

Organiseer zelf nazorg, besteed het uit of combineer beiden.

De betrokkene inzicht geven in het incident

Informatie, voorlichting en oefeningen kunnen het inzicht verhogen bij de betrokkenen in wat er gebeurde, waarom het zo gebeurde en hoe het anders kan. Dit helpt om herhaling te voorkomen en/of om de impact van incidenten te verminderen. 

Met herstel terug naar positief samenleven of positieve seksualiteit

Een herstelgerichte interventie dient om het conflict af te sluiten op een manier die voor alle partijen aanvaardbaar is.   

Met een veiligheidsplan formuleer je maatregelen die nieuw grensoverschrijdend gedrag kunnen verhinderen. Het is een plan op maat van je organisatie dat duidelijke regels bevat, voor zowel plegers als slachtoffers.  

Fase 5: organisatiebreed leren uit incidenten

Bespreek en analyseer incidenten. Zo voorkom je emotionele overbelasting en krijg je inzicht in oorzaken en risicofactoren. Tegelijk kan je nagaan hoe je de kans op herhaling verkleint.

Doe dit samen met je team, zo leert iedereen eruit en groeit er meer bewustzijn over veiligheid. Pas eventueel procedures aan.

Deelstappen zijn: 

  • De gevolgde procedure en stappen in kaart brengen (rapportage) en evalueren 
  • Kijken wat je kan leren uit het incident