Voor vrijwilligers en personen die werken met kwetsbare personen is het niet wettelijk verplicht, maar aan te raden.  

Zorg er wel voor dat een model 2 niet de enige beleidsactie is om veiligheid in te bouwen.  

Als iemand zonder blanco strafblad in jouw organisatie aan de slag wil, ga je best in gesprek en verduidelijk je in je beleid dat je mensen nieuwe kansen wil bieden.

Bouw extra ondersteuning in, zoals gepaste taken en extra coaching.  

Het uittreksel model 2 vervangt het vroegere ‘getuigschrift van goed gedrag en zeden’ 

Op een uittreksel model 2 lees je of iemand feiten heeft gepleegd tegenover een minderjarige. Daarom is het aan te raden om dit op te vragen voor personen die aan de slag gaan met kinderen en jongeren, zowel werknemers als vrijwilligers.  

Wat staat er wél op model 2? 

  • Veroordelingen en beslissingen over feiten tegenover minderjarigen 
  • Feiten waar niet per se minderjarigen bij betrokken zijn, zoals drugs, diefstal, …  
  • Een verbod om activiteiten uit te voeren in contact met minderjarigen 
  • Soort straf: werkstraf, probatiestraf, elektronisch toezicht 
  • Eventueel opschorting van feiten (wegens goed gedrag) 
  • Eventueel contactverbod tijdens een lopend onderzoek 
  • Feiten van minder dan 3 jaar terug en ernstige oudere feiten 

Wat staat er niet op model 2? 

  • Geseponeerde zaken 
  • Als iemand beschuldigd is, maar het proces nog lopende is, zonder veroordeling.  

Er is een verschil met het document model 1, waarop je alle mogelijke veroordelingen vindt, niet specifiek gericht naar minderjarigen. 

Is het verplicht?

Een model 2 is verplicht voor werknemers die met kinderen en jongeren werken.

Officieel gaat het over ‘activiteiten die onder opvoeding, psycho-medisch-sociale begeleiding, hulpverlening aan de jeugd, kinderbescherming, animatie of begeleiding van minderjarigen vallen’. 

Een model 2 is niet verplicht voor vrijwilligers die met kinderen en jongeren werken. Het is er wel aan te raden, ook in sectoren waar men met kwetsbare personen werkt, zoals mensen met een beperking of nieuwkomers. 

Zo geef je als organisatie een signaal aan dat je als organisatie of school investeert in de veiligheid van je jongeren, kinderen of kwetsbare personen.  

In het arbeidsreglement én in het vrijwilligersbeleid benoem je dan best wat je verwacht van een model 2. Het kan bijvoorbeeld een reden zijn voor een tekortkoming, leidt tot ontslag omwille van dringende redenen of weigering. 

Je kan deze als werkgever wel niet bewaren, enkel registreren als ‘gezien’ of ‘niet gezien’.  

Hoe interpreteer je model 2?

Een model 2 is ofwel blanco, ofwel lees je dat er feiten zijn gepleegd. Die feiten zijn abstract omschreven. Je leest er niet wat de concrete feiten zijn.  

Veel organisaties kiezen er bewust voor om vanuit hun missie en visie mensen nieuwe kansen te geven. Dat is zeker legitiem en vertrekt vanuit een geloof in tweede kansen. Verduidelijk dit dan in je beleid en in je missie.  

Denk dan wel na over onderstaande vraagstukken en concretiseer hoe je beschermingsfactoren kan inbouwen. 

  • Zijn er vrijwilligersfuncties ‘achter de schermen’ waarbij de betrokkene toch kan functioneren, zoals boekhouding, catering, beleid, …? 
  • Is er zicht op de concrete feiten? Ging het over seksueel misbruik, drugs, of een fietsdiefstal? Het is niet zo dat elk strafbaar feit uit het verleden de veiligheid van minderjarigen nu in het gedrang brengt. 
  • Wanneer zijn de feiten gebeurd? Gaat het over oude feiten of zijn ze recent? 

Dit kan je doen door een intakegesprek met de vrijwilliger als volgt aan te pakken: 

  • Benoem het belang dat je als organisatie schenkt aan veiligheid en integriteit. 
  • Benoem de omschrijving die je las op het vonnis en dat die voor jullie weinig zegt.  
  • Benoem dat de organisatie nieuwe kansen wil geven aan vrijwilligers en dit gesprek dient om het welzijn van iedereen te garanderen.  
  • Bevraag wat de vrijwilliger kwijt wil over de feiten. 
  • Bevraag of de persoon zichzelf ziet werken met minderjarigen (indien van toepassing in je organisatie). 
  • Bevraag de persoon over wat die nodig heeft om goed te functioneren in de organisatie (eventueel door expliciet te vragen wat die nodig heeft om niet opnieuw over de grens te gaan) 
  • Benoem concrete ondersteuningsopties (directe lijn met de vrijwilligerscoach, functies ‘achter de schermen’, vrijwilligerswerk tijdens momenten zonder te veel prikkels of mensen, …) 

Overloop sowieso het beleid grensoverschrijdend gedrag, zodat dit duidelijk is voor de vrijwilliger.  

Moet ik een vrijwilliger met een strafblad écht anders behandelen dan andere vrijwilligers?

Het kan wat onwennig zijn voor zowel vrijwilliger, werknemer als de (vrijwilligers)coördinator of directie om een persoon met een strafblad anders te behandelen. Zo kan je ook streven naar maatregelen die uniform zijn en die het verschil in vrijwilliger mét of zonder strafblad minimaliseren: 

  • De regel stellen dat een vrijwilliger nooit alleen is zonder jongere.
  • Op regelmatige basis checken bij vrijwilligers hoe het met hen gaat. 
  • Het aanspreekpersoon integriteit heel laagdrempelig en toegankelijk maken. 
  • Een duidelijke gedragscode opstellen zodat iedereen goed weet wat er van hen verwacht wordt.
  • Kort op de bal spelen bij grensoverschrijdend gedrag. 
  • Continu streven naar een fijn en algemeen levensklimaat 
  • … 

Doe hier de snelle check waar je als organisatie beleid kunt op inzetten. 

Model 2 binnen een breder beleid grensoverschrijdend gedrag

Soms kan een model 2 opvragen een vals gevoel van veiligheid geven.  

  • Sommige organisaties vragen enkel een model 2 en hebben daarnaast geen beleidsacties.
  • Daarnaast worden niet alle rechtszaken met seksueel grensoverschrijdend gedrag veroordeeld. Vele incidenten krijgen geen justitieel vervolg door verschillende redenen: lage aangiftebereidheid, late aangifte, slachtoffer dat zich terugtrekt, dader die niet geïdentificeerd wordt, vertragingen in het rechtssysteem, te weinig bewijsmateriaal, woord tegen woord, victimiseren van het slachtoffer, ondermijnen van geloofwaardigheid, …
  • Een model 2 bevat vooral veroordelingen van de laatste 3 jaar, pas als het gaat over hogere geldboetes of langere gevangenisstraffen, wordt het langer dan 3 jaar vermeld).

Wel kan het opvragen van het uittreksel een opening zijn om een gesprek rond integriteit en grenzen binnen je organisatie te houden. Het geeft een signaal dat je veiligheid en integriteit in de organisatie belangrijk vindt.  

Een voorbeeld van hoe een organisatie het kan verwoorden in het beleid: 

  • Personeel en freelancers die rechtstreeks in contact komen met kinderen en jongeren moeten een bewijs van goed gedrag en zeden voorleggen. 
  • Bestuurders die in direct contact komen met jongeren namens Axcent moeten een bewijs van goed gedrag en zeden voorleggen.  

Tegelijkertijd kan je als organisatie er net voor kiezen om iedereen een bewijs van goed gedrag en zeden op te vragen? Zo geef je het signaal dat veiligheid en integriteit belangrijk is in de organisatie.  

Communicatie met andere vrijwilligers

Toch kan het goed zijn dat vrijwilligers een medevrijwilliger of collega opzoeken op Google en ontdekken dat die bijvoorbeeld onterecht werd beschuldigd van zedenfeiten. Of je kiest ervoor om iemand met zeer ernstige feiten kansen te geven.

In welke mate communiceer je dit dan aan andere vrijwilligers? 

De wetgeving op privacy (GDPR) impliceert dat je niet aan iedereen iemands verleden kan communiceren. Schrijf dus in je beleid om hoe je met vertrouwelijke informatie omgaat van mensen die je nieuwe kansen geeft: 

  • Aan welke mensen communiceren we dit? Enkel de aanspreekpersonen integriteit? De mensen in het bestuur verantwoordelijk in het beleid en de vrijwilligerscoach? Maak daarin een afweging tussen wie het moét weten (need to know) om veiligheid te kunnen bieden en voor wie het ‘interessant’ is om te weten (nice to know).  
  • Zorg dus dat er een functie is in de organisatie die instaat voor het welzijn en de veiligheid in de organisatie. Lees meer over de aanspreekpersoon integriteit. (Link naar ‘aanspreekpersoon integriteit’)