Seksueel grensoverschrijdend gedrag. Een brede definitie, want over wiens grens gaat het? Het enige wat we zeker weten, is dat ten minste één persoon het als grensoverschrijdend inschat.

Maar niet iedereen kijkt op dezelfde manier naar de grens. Je kan aan de hand van het Vlaggensysteem objectiever inschatten wat over de grens gaat of niet.

Maar hoe ga je er mee om als iemand oké gedrag toch als ernstig inschat, bijvoorbeeld omdat het triggert naar eerder beleefd gedrag? 

Een jongen met autisme vraagt aan zijn vriendinnetje: "Mag ik je borsten aanraken?". Het vriendinnetje reageert hier echter heel heftig op.

Een tegengestelde beleving van seksueel gedrag

Deze jongen stelt oké gedrag, volledig volgens ‘zijn regels’, want hij had geleerd dat het nodig is om toestemming te vragen om seksueel gedrag te stellen. Het meisje vindt dit echter niet fijn, omdat het haar doet denken aan een eerder beleefd incident wat voor haar niet fijn was. Daarom reageert ze hier heel boos op.  

We mogen er dus niet van uitgaan dat seksueel gedrag dat als doel heeft fijn en aangenaam te zijn, ook zo wordt geïnterpreteerd. Zeker bij mensen met een trauma kan dit heel wat triggeren, zoals dit voorbeeld aantoont. 

Vul dus nooit als begeleider op voorhand in hoe iemand een situatie beleeft. Een check bij de persoon helpt om het inzicht te verhogen:

  • Ben je oké? 
  • Vond je dat oké? 
  • Hoe kwam dat binnen? 
  • Gaat het?  

Een meisje zoekt vaak seksuele situaties op. In die seksuele situaties herbeleeft ze soms negatieve ervaringen uit het verleden, waarop ze blokkeert. De begeleiding vindt dat het ook wel de schuld is van dit meisje. Ze kan best wat minder uitdagend gekleed zijn.

Wat zegt het gedrag over de persoon?

Als begeleiding trap je soms in de val om de verantwoordelijkheid bij een slachtoffer te leggen: "Als je ziet welke kleren ze dragen, ze vragen er allemaal om". Het is begrijpelijk om op zoek te gaan naar het voorkomen van de grensoverschrijding, maar het is effectiever om op zoek te gaan naar de zorgnood van het meisje: 

  • Wat maakt dat zij dit gedrag stelt? 
  • Wat heeft zij nodig om het negatief aangeleerde niet te herbeleven?  
  • Hoe kan zij seksueel gedrag op een oké manier stellen?

We weten niet wat het meisje vroeger reeds ervaren heeft. Toch blijft het aangeraden op zoek te gaan naar een manier waarop het meisje geen nieuwe negatieve herinneringen herbeleeft.  

Langs de andere kant kan bij iemand het grensgevoel sterk vervaagd zijn. Begeleiding kan seksueel gedrag dan als zwaar inschatten, maar de persoon over wiens grens wordt gegaan kan dit als licht ervaren. Ook hier is begeleiding nodig.  

Hoe begeleid je iemand die getriggerd wordt of die zorg nodig heeft?

Bevraag waar de betrokkene nood aan heeft: 

  • Wat heb jij nodig om je weer oké te voelen? 
  • Wat maakt dat deze situatie negatief is voor jou? 

Ga ook op zoek wat de persoon nodig heeft in het geval dit gedrag nog eens zou gebeuren: 

  • Stel dat dit nog eens gebeurt, wat zou jou dan helpen?

Overloop samen met de betrokken persoon de criteria van het Vlaggensysteem om zo het inzicht te verhogen. De jongen heeft in het voorbeeld oké gedrag gesteld, dus kan het ook zo benoemd worden.  

  • Benoem wat oké is aan het gesteld gedrag: "De jongen heeft jou een seksueel voorstel gedaan, zonder meteen over te gaan tot actie...". 
  • Benoem dat de reactie begrijpelijk is: "...maar ik begrijp dat het voor jou niet oké aanvoelt.".

Benoem dit zo concreet mogelijk: "Het was niet het doel van de jongen om zo grensoverschrijdend te zijn zoals het bij jou is binnengekomen.".

Breng samen met de persoon in kaart wat oké seksueel gedrag is en wat niet. Oefen samen met op onderstaande ‘groene’ casussen.